De 4 edele waarheden van de Boeddha:
1.
Lijden/Ellende (zoals daar is verlies, teleurstelling,
ziekte) bestaat; als werkelijkheid maar ook in je hoofd door het vooruit lopen
op, vrees/doemscenario voor de toekomst, vasthouden en herbeleven van het
verleden of door te kijken door een gekleurde bril.
2.
Oorzaak van lijden; reactie op het lijden/ellende,
het lijden vergroten door te lijden aan het lijden/ellende, als iets dat wordt
toegevoegd, vasthouden aan Lijden. Maar ik kan door bijv. het stellen van
irreële verwachtingen; bijvoorbeeld de verwachting dat bep. zaken blijvend zijn,
een kiem leggen voor toekomstig lijden;
3.
Oplossing van het lijden aan het lijden/ellende,
begrenzing van het lijden/ellende, acceptatie van dat wat is (wat niet betekent
dat je niet bij de pakken neer moet gaan zitten), proberen er geen oordeel over
te hebben, opvattingen relativeren, geen verwachtingen (wel hoop), niet vooruit
lopen op of vasthouden van gebeurtenissen en lijden aan iets dat nog niet is
maar dat eventueel zou kunnen komen;
4.
Een weg of een manier is het volgen van het 8-voudig
pad.
Lijden en ellende bestaan, vervelende situaties bestaan
en zullen altijd blijven ontstaan, dat is niet te ontkennen en niet te voorkomen.
Het enige wat ik eraan zou kunnen doen, is proberen het ontstaan van onnodig
lijden van Anderen en van mijzelf te verminderen, bepaalde driften te verminderen,
in de hand te houden, opdat het lijden van alle levende wezens en mijzelf wordt verminderd, of in ieder geval niet
toeneemt.
Manieren waarop ik dit zou kunnen doen, is door mijn
houding ten opzichte van of mijn reactie op hetgeen mij overkomt, in de hand te
hebben. Verdriet en rouw zijn een gezonde reactie op teleurstelling, pijn en
verlies, maar de kunst is dat ik er niet in blijf hangen, in verdrink. Ik zal hetgeen
mij overkomt moeten accepteren voor wat het is, niet in de slachtofferrol te gaan
zitten, niet af te vragen waarom, vast te houden aan het idee dat het niet zo
zou moeten zijn en vervelende situaties te blijven afspelen in mijn hoofd. Hoop
voor de toekomst is normaal en geeft een bepaald perspectief, maar niet
verwachten, er niet vanuit gaan dat het ook daad werkelijk gebeurt.
Dit zal al een, beperkte, positieve invloed hebben op mijn
welzijn en dus ook het welzijn van andere levende wezens, de situatie, de
wereld in het algemeen.
Verder kan ik dit doen door zo verantwoord mogelijk te handelen,
zo integer en goed mogelijk om te gaan met de (situatie van de) Ander, met
mijzelf en met zijn en mijn behoeften.
Ik zal de Ander de ander moeten laten, niet tot mij te
maken, binnen mijn begrippenkaders van goed/slecht, leuk/vervelend etc. trekken.
In dat geval zou ik diegene in zekere zin geweld aan doen, in het ergste geval
‘geestelijk’ doden. De Ander is daadwerkelijk iemand anders dan ik ben en zal
dus andere behoeften hebben, anders omgaan met situaties en andere ideeën,
normen en waarden hebben aangaande bepaalde zaken.
Het zal bij mijn handelen m.i. dan ook belangrijk zijn alert
te zijn op de Ander, met hem te communiceren over zijn behoeften, belangen,
zijn ideeën, hoop en verwachtingen. En dit, de uitkomst te integreren in mijn
handelen.
Moeilijker zal het worden wanneer er sprake is van
belangenverstrengeling tussen de behoeften/belangen van de verschillende
“deelnemers” in een bepaalde situatie.
Onder verantwoord handelen, versta ik handelen volgens de
10 geloften, opdat ik zoveel mogelijk probeer het ontstaan van lijden te
minimaliseren en het lijden/de ellende die er is niet te verergeren.
©Judith Nachtschade